Me And my chickies door Pauline

Me and my chickies…
Ik had Henrietta en Katharina. Nu heb ik Ippon en Hajime. De russische tsarina’s zijn beide overleden en ik begon het gezellige getok en gescharrel te missen. Mijn bruine dames waren tam en kropen op schoot, bedelden bij de koelkast, praatten zelfs tegen me. Nu, een nieuw begin, twee krieldames uit de Zoete Aarde. Zwartwit en fijntjes, vonden ze de overgang van Buurttuin naar eigen tuin wel even confronterend. Stil en opgepropt tegen de achterwand van hun kippenhok bekeken ze alles om hen heen. Gekakel bij de ontdekking van ons konijn en complete hysterie bij het zien van onze honden. De eerste dag hadden de dames ook niet door, dat ze s’avonds het trapje op moesten richting nachthok. Met veel meelwormen en andijvie kon ik ze overhalen. Als dank mochten we al 2 eitjes in ontvangst nemen. Vanochtend was het spannend, Ippon stapte als eerste het hok uit, de tuin in. Hajime volgde aarzelend, maar vastberaden. Op dit moment liggen er 2 slapende kipjes in mijn volslagen omgewoelde border. Heerlijk, stovend in de zon. Ik ben verliefd!

Corona lente door Jurrie

Eigenlijk wil ik er niet over vertellen. Het heeft ons al genoeg nadeel bezorgd
en voorlopig zijn we er nog niet vanaf. En toch, om de woorden van Johan Cruijff te
gebruiken: ‘ Elk nadeel ‘hep zijn voordeel.’ Het is veel stiller op straat en rustig. Er
ligt minder vuil, de lucht is schoner. De Corona paradox. Als je ermee
besmet raakt, tast het je luchtwegen aan, het zorgt ook voor schone
lucht.
Het is acht uur als ik naar buiten ga om de kippen eten te geven. Je merkt aan alles
dat het bijzonder is waar we nu mee te maken hebben. Ik heb wel eens beschreven
hoe rustig het op de tuin kan zijn, zo midden in de stad. Vooral op een
zondagmorgen of op 1 januari. Zo stil is nu bijna dagelijks en dat midden
in Zoetermeer.
Stel je voor: De opkomende zon en het licht bevroren gras. Ik hoor meer vogels zingen nu het verkeer verstomd is. Uiteraard is het voorjaar, dus
hoor je sowieso meer vogels zingen, maar nu des te meer. Ze zijn druk in de weer
om elkaar het hof te maken. Je krijgt het mooiste gezang, maar ook een hoop
rivaliteit te horen en te zien. Het gezang is niet alleen maar om een mooie vrouw te
lokken. Nee, ook om andere mannetjes te waarschuwen. Dat ze vooral niet te
dicht bij moeten komen, want dan zou je der wel eens van kunnen lusten. Het is maar goed dat we het gezang niet kunnen vertalen, anders zouden wij mensen misschien helemaal niet blij zijn met dat vogel ‘taalgebruik’.
Overal hoor je gezang, zie je versiertechnieken, en gevechten. Vrouwtjes die
vluchten voor opdringerige, opgewonden mannetjes. Rond het voorjaar zie je ze
vaak vliegen. Eenden die proberen de hectiek te ontvluchten om dan uitgeput ergens
neer te vallen. Vaak op een verkeerde plek. Op straat, op de snelweg of op de
spoorbaan om dan uiteindelijk te worden overreden.
Hoe anders zou dat nu zijn? Er rijden minder auto’s en treinen. Overlevingskans
is dus groter voor onze gevleugelde vrienden. ‘Hé, weer een voordeel’, zou JC
zeggen. Desalniettemin (wat een mooi woord is dat eigenlijk) wat een mooie buurttuin is het toch. Ze ligt er mooi bij. Of is het een hij. Ik weet dat nooit. Voor mij is een tuin vrouwelijk.
Met haar kleuren, vruchten en pracht. Deze tuin en natuurlijk ook al die andere
tuinen, moeten we koesteren. Er gaat al zoveel verloren. Dat we er nog lang van
mogen genieten. Veel dank aan alle vrijwilligers die dat mogelijk maken. Zij steken er veel vrije tijd in. Sjappoo! Zo nu de kippen eten geven en nog even diep de schone lucht inademen. Op naar de koffie. Mmm.
Ooit heb ik een gedicht geschreven over een eend op de vlucht. Het kwam spontaan
in mij op tijdens m’n werkzaamheden en dat wil ik tot slot nog even met jullie delen.
img_5341
Rust
Eindelijk
Of toch niet
Wéér een woerd in het verschiet
Deze probeert het weer
Nu voor de achtste keer
Het is maart, ja ik weet het
Maar hier blijven en ik begeef het
Ik moet gaan
Daar misschien, bij de spoorbaan
Rustig zitten, weg van iedereen
Waarom niet eerder, dacht ik meteen
Zonnetje, stilte, da’s pa fijn
Toen plots een trein
Ik ben uitgeblust
Eindelijk
Rust…

Kaplaarzen vereist!

Ja, je zult wel denken: ‘ Nou de kippen eten geven en straks waarschijnlijk ook wat schaapjes, dat lijkt mij heel erg leuk.’ Dat is het natuurlijk ook. Begroet te worden door de dieren. Zo op een vroege zondagochtend als de meeste mensen nog liggen te snurken. Vrijwel geen lawaai van het verkeer. Heerlijk voor een buitenmens zoals ik , maar soms is het niet altijd even prettig. Het enige lawaai wat ik hoor is de wind die waait door de kruinen van de bomen. De bomen die diep en nederig buigen. Je waait hier uit je onderbroek! Ik hoop maar dat de bomen niet te nederig worden. Er is en wordt al te veel gekapt, naar mijn inziens. En wat dacht u van de regen? Die is vannacht met bakken uit de lucht gevallen. Ook die moet je trotseren.
Tjongejonge, wat is er een hoop gevallen. Je kunt hier bijna zwemmen. Ik vind dat het nu wel even droog mag blijven en als de winter toch ons deur voorbij gaat, laat dan de warmte maar komen. Sinds oktober hebben we alleen maar herfst gehad, lijkt het.
Brrr, gauw de kippen eten geven en dan aan de koffie. Splats, splats. Wil je de dieren eten geven en vrijwilliger worden? Kaplaarzen vereist!
Fijne zondag! Groeten van buurman Jurrie!

Jurrie schrijft op zondag 💚

 

2FC0415B-59D7-40BA-A0D2-121B5943613FZondagochtend negen uur. We zitten aan de koffie en ik eet een boterham. Kachel aan. Mijn vrouw zit in een tijdschrift te kijken en ik staar door het raam naar buiten. Allebei in gedachten verzonken. Heerlijk rustig. Ik geef de vogels vaak eten, dus er is altijd een drukte van belang in onze tuin. Af en aan vliegen ze. De één is nog niet weg of de ander komt aan. Tortel, roodborstje, pimpelmees, koolmees, merel, vink enz. Tjonge, het lijkt Schiphol wel. Het is in ieder geval schoon vliegverkeer. Zij hebben niets met vervuilende uitstoot te maken. Al zou dat dan alleen de restanten zijn van hun verorberingen. Flats, daar laten ze er weer eentje.
Zo starend naar buiten met een kop koffie in m’n hand, schieten ineens de vogels alle kanten uit. Boem! Een tortel vloog met een knal tegen het raam waar ik stond te kijken. We schrokken ons rot. M’n koffie viel over m’n hand op de vensterbank. De duif viel op de grond, maar kon toch nog op vliegen en schoot gelijk in de beplanting die tegen mijn heg aangroeit. Zo dicht en helemaal plat tegen de takken bleef de duif zitten. Waar was ze van geschrokken?
Nog geen tel later kreeg ik het antwoord. De slechtvalk streek neer op de overkapping. Natuurlijk ze zijn geschrokken van zijn aanwezigheid. Hij was aan het jagen zoals hij dat hier altijd doet. Binnen twee tellen vloog hij weer weg en vlak onder hem zat de duif. Heel stil plat tegen een tak. Ik hoop dat hij niet gewond is toen hij zo hard tegen de raam was vloog. Hij zit er nog steeds. Een half uur nu al. Ik ga maar eens voorzichtig kijken. Hij beweegt nog wel.
Wat een bijzondere ochtend toch weer!

 

Een reiger redden

5ED3EEB2-1DBC-4BD2-AB25-0E36814DF6D0In de wijktuin ‘Zoete Aarde’ werken veel vrijwilligers. Een deel van hen is lid van de ‘boomgaardgroep’. Op de eerste zaterdag van de maand komen zij bij elkaar om de appel en perenbomen te verzorgen.
Stoere mannen zijn het! Gewapend met snoeischaren, zagen, ladders, spaden en kruiwagens. Laarzen, klompen en handschoenen aan. Mutsen op. Heerlijk in de buitenlucht in weer en wind. Dit is een klus voor echte mannen die van boom tot boom gaan om te knippen en te zagen. Soms ook te graven. Zware takken die naar beneden vallen en in de kruiwagen worden gelegd.
Tjonge, we zijn net Tarzan! Van de ene boom naar de andere en maar snoeien en zagen. Hoog in de boom met de oerkreet van Tarzan. Ha! Stoere mannen!

‘En waar is Jane dan, hoor ik u denken?’ Jane? Hier is geen Jane. Zij is thuis. Nee, dit is een bijeenkomst voor mannen. Zoals vandaag 4 januari 2020. Hard werkende, zwetende, dampende mannen die elke boom vertroetelen. Menig boom wordt beter vertroeteld dan zijn eigen Jane thuis. Zo kan alleen Tarzan dat! Kijk ons gaan! Heen er weer met de kruiwagens vol takken.

Tijdens het brengen van de takken naar de takkenril staat daar plots een reiger voor mijn neus op het pad. ‘Een reiger, wat doet die hier?’ denk ik. Hij kijkt mij aan. ‘Het kan ook een zij zijn, maar zo’n kenner ben ik ook nou ook weer niet.’ Ik keek naar hem en wilde er langs. Normaal vliegen reigers weg als je ook maar enigszins in de buurt komt maar deze bleef staan. Hij keek me in de ogen alsof hij iets wilde zeggen, iets wilde laten zien.

Toen ik hem  benaderde, kwam hij in beweging. Ach gut, hij liep mank. Zijn borstveren waren vies en plakkerig en hij kon zijn ene been bijna niet gebruiken. Hij liep heel langzaam en voorzichtig het pad af. Ik zag dat er een gezwel bij het einde van zijn been en voet zat. Het deed hem heel erg zeer, dat kon je wel zien. Ach, jongen toch!  ‘Dierenambulance bellen!’ zei de ene boomgaardman. ‘Nee’, zei de ander.’ Laat de natuur z’n eigen gang gaan en bovendien er zijn genoeg reigers. Als we er niet waren geweest vandaag had hij ook dood gegaan.’ En zo staan de stoere mannen naar de reiger te kijken die in elkaar gedoken voor ons bleef staan. Ach, jongen toch! ‘Eigenlijk best zielig’, riepen we in koor. ‘Laten we de dierenambulance maar bellen.’ Dat besluiten we.

Niet veel later komt de dierenambulance er aan. Er stapt, vlak voor onze neus, een mooie, jonge Jane uit de auto. Met open mond zien wij hoe ze de reiger vangt en vastklemt tussen haar arm en lichaam en met haar andere hand z’n snavel vasthoudt. ‘Ze kunnen hard prikken met hun snavel. Die is vlijmscherp’, riep ze. Wat een stoere vrouw! Ze deed de reiger in een kooi en bedankte ons liefdevol, waarna ze weer verdween. ‘G..g..geen dank’, riepen wij in koor en zij liet ons met open mond achter. Daar ging ze, onze Jane met de reiger. Wij moesten een traantje wegpinken.

Stoere mannen! Ja, ja.

Jurrie Drenth

Oorverdovende stilte

 

5F7E313B-8560-4C9E-8EFA-9107D9650596Nieuwjaarsdag 9.00 uur. Ik ga naar de kippen. Eens kijken hoe zij de jaarwisseling hebben overleefd en ze moeten eten natuurlijk. Ik ga naar buiten, doe de deur dicht en luister. ‘Wat hoor ik.’ Ik, ik geloof het niet. Ik blijf stil staan in de tuin en luister nog maar eens goed. Ik ben stomverbaasd. Dit lijkt onmogelijk, maar het is toch waar. Het is oorverdovend…. stil. Wat een serene rust. Je hoort zelfs geen verkeer. Ongelooflijk hoe een stad, na een hevig knallende nacht met zoveel lawaai, zo stil kan zijn. Wat een verademing. Dit maak je alleen maar mee als je op nieuwjaarsdag vroeg uit de veren bent. ‘O ja, de veren, gauw naar de kippen.’ Die zitten nog op stok. Misschien hebben zij ook te diep in het glaasje gekeken vannacht? Ik zal ze maar verwennen met wat meelwormen. Dat hebben ze we verdient na al dat kabaal. Gelukkig duurt dat nog even voor we weer zoveel geluid produceren. Alhoewel…ik deze stilte elke dag wel zou willen hebben, dus kom op met dat vuurwerk zou ik haast zeggen. Een fijn nieuwjaar allemaal.

Creatief en lief: dat is Dorien!

115E9AB2-AD35-42C6-B004-5E35FBFC0977Ik heb een probleem, een heel groot probleem en dat is dat ik alles leuk vind. Bijna alles, ok, ik vind veel leuk. Fotograferen, mama zijn, knutselen, schrijven, lezen, wandelen. Het is jouw valkuil, werd er opgemerkt door Dominique.
Ik vind het leuk om andere mensen blij en gelukkig te zien. Vooral met iets dat ik gecreëerd heb, iets wat ik geef, met iets wat ik zeg of doe.
Niet omdat ik een complimentje wil ontvangen of in het middelpunt van de belangstelling wil staan. Juist niet, mijn intentie is om andere mensen oprecht vrolijk te maken. En op welk moment kan dat beter dan tijdens Lichtjesavond? In het midden van de stad, in de Oase van rust, behalve op deze avond van het jaar. Dan gebeurt er van alles, overal in de Tuin.
Wie mij een beetje kent weet dat ik wel eens een grapje maak, niet heel vaak, soms. Na de Sint Maarten-workshops had ik nog een heleboel tasjes over om te versieren.
Voor de grap gooide ik in de groep dat ik nog wel een workshop zou kunnen doen voor de kinderen tijdens Lichtjesavond.  Er werd door Jannie heel enthousiast gereageerd en haar enthousiasme maakte wat los in mij. De eeuwige positieve energie die zij rondstrooit is inspirerend.
Het bleef niet bij de tasjes. Waarom weet ik niet meer, maar in de afgelopen jaren heb ik in de garage een hele collectie glazen potten verzameld. Nu was het moment daar iets mee te doen. Wat ben ik blij dat ik de glazen potten meegenomen had. De kleine knutselaars vonden het prachtig om deze te versieren. Ook had ik houten hangers mee, voor in de kerstboom. Een laars, een ijsster, een rendier en een peperkoekmannetje. Deze konden gekleurd worden met stiften. Als ze klaar waren deed ik er een touwtje om.
De kinderen waren allemaal zo lief en ijverig aan het versieren. Sommige kinderen bleven wel drie kwartier fröbelen, heerlijk! En alles mocht. Al wilde je alle drie de knutsel-projecten doen, het was goed. Werkelijk waar, bijna alles is opgegaan. Wat een fijne avond was dit! Het liep, het ging, iedereen was blij en dat maakt mij weer blij.
Ik heb veel mensen gezien, veel kinderen geholpen, nieuwe mensen, kennissen, vrienden. Ik kreeg onverwacht hulp van de buur-mede-knutselaars.
Vanwege tijdgebrek waren er geen voorbeelden gemaakt dus deze taak namen zij op zich voordat de avond begon. Bedankt, Jo-Anne & Wilma!5E0BC611-1EC1-4FBB-965B-A472FF0F3491

Lichtbrengers

147246D5-68F1-40C4-B9D8-653E92738A46Een week lang stak ik mijn kop in het zand en keek niet naar het weerbericht. Helpt toch niks. Tot zaterdagochtend mensen begonnen te bellen. ‘Gaat de Lichtjesavond wel door?’ was hun vraag. Ja, bij twijfel altijd door laten gaan adviseerde onze voorganger Janny Scholtze ooit. Soms is dat makkelijker gezegd dan gedaan. Over het wel of niet doorgaan van de vorige urban hippie markt hebben we een hele poos getwijfeld. Nu leek het weerbericht redelijk.

Bij het opbouwen van de marktkraampjes begon het toch nog even te stortregenen. We hoorden zelfs een enorme klap onweer, zomaar uit het niets. Mensen die hun spullen kwamen verkopen en waar we een tafel voor gereserveerd hadden raakten in de stress. Ze hadden een luifel nodig tegen de regen. Lichtjesavond is geen hippiemarkt. We huren geen kramen. Doen het met wat we hebben in de tuin en dat zijn een paar kramen en verder vooral tafels en tafeltjes. Uiteindelijk zorgde onze grote tovenaar Peter dat bijna iedereen blij en tevreden een plek had.

‘Het komt altijd goed’ hoorde ik Dorien zeggen. Dat is inderdaad mijn beeld. Als iedereen wat fantasie gebruikt dan kunnen we samen veel. Toch hoort het blijkbaar bij het organiseren van een festiviteit dat er ook mensen ontevreden zijn. De één kijkt dan boos, de ander verzint een creatieve oplossing.

Sommige mensen zorgen in de eerste plaats goed voor zichzelf. Anderen helpen elkaar of helpen eerst een ander en zorgen dan voor zichzelf. De donkere wolken in de lucht maken het lastig. Sommige spullen verdragen wel een drupje regen, andere dingen eigenlijk niet. Uiteindelijk waaiden de wolken weg. Gezichten die op onweer stonden klaarden ook op. De muziek (enorme hulde aan jullie!) begon te spelen. In de hele wijk waren de vrolijke kerstklanken te horen. Mensen werden er door naar de tuin gelokt. Net de rattenvanger van Hamelen die Dickensgroep van muziekvereniging Buytenrode!

En daar waren de eerste bezoekers! Ze kregen een nieuwjaarskaartje om door te geven aan iemand die dat wel kan gebruiken. Degene die het kaartje ontvangt kan in het nieuwe jaar een kop soep komen eten op woensdag. Zo hopen we weer nieuwe mensen te bereiken. Mensen die van mensen houden. Die elkaar willen ontmoeten. Belangstelling hebben voor elkaar. Behulpzaam zijn, warm en licht 🌟💫⭐️

Lieve iedereen die er weer was of betrokken was bij gisteravond, vrijwilliger/bezoeker/muzikant/kok/technicus/spontane afwassers/even iemand naar huis brenger/ vuurstoker/wegwijzer/opbouwer/zoeker/opruimer/en vul zelf maar in

Allemaal lichtbrengers in het donker!

Dank!

 

Haantje!

4369206C-D791-4CC3-A8AA-A15E3EFB87C4Half tien. Ik moet naar de kippen, maar het waait en het regent. Bah! Maar ja, zij kunnen niet wachten. Dieren moeten eten en dat gaat voor alles. Ik loop met m’n regenjas en capuchon op door de regen naar villa Kakelbont. Ik heb nog wat gekookte rijst bij me, dat vinden ze lekker. Eigenlijk lusten kippen alles. Ik hoor de haan kukelen. ‘Ja,ja, ik kom er aan.’ Aangekomen bij de villa zitten ze nog allemaal in het nachthok. Nou, nou, wat een schreeuwlelijkerd, flink aan het kukelen om jullie eten te komen geven en vervolgens zitten jullie binnen. Ik dacht dat de kippen vroeg uit de veren waren? Allemaal op stok en kijken me aan. Geenzins van plan om naar buiten te gaan. Dat begrijp ik wel. Ik zou ook binnen blijven met dit weer en kippen houden niet van wind. Maar de man van het stel vond het welletjes en ging z’n vrouwtjes aansporen om naar buiten te gaan. Eerst nog van stok, maar ze wilden niet. ‘ Wat denken de dames wel. Opschieten! Van stok af en naar buiten.’ Leek de haan te zeggen. Je zag het aan z’n houding. Zijn vleugels laag en met z’n voetjes trommelend op de stok, tippelend van hen naar hen. ‘Schiet op! Er af en naar buiten!’ 1 voor 1 springen ze eraf en vluchten naar buiten.
Er is een gezegde:
Als er 1 schaap over de dam is. ……
Dan heb ik een soortgelijke gezegde:
Als er 1 kip van stok is. …….
Brrr, gauw weer naar binnen. Mmmm, koffie.